carpaletunnelsyndroom


De hand slaapt ‘s nachts in, de duim verzwakt: het carpaletunnelsyndroom is ruim verbreid, maar wordt dikwijls niet ernstig genomen. Wie de klachten gewoon ontkent, riskeert blijvende schade aan zenuw en spieren.


Ongeveer elke tiende Duitser kent de klachten van het carpaletunnelsyndroom. Vrouwen zijn driemaal meer getroffen dan mannen. Meestal treden de problemen op tussen 40 en 70 jaar, in het begin vooral ‘s nachts. Men wordt wakker, omdat er pijn is van de hand tot de bovenarm of omdat de hand weer eens ingeslapen is. Na schudden verdwijnen de pijnen en het tintelen weer.

Wat is eigenlijk de carpale tunnel?

Elke arm wordt door drie zenuwen bediend. Ze staan in voor de motoriek, dus de bewegingen, en ook voor de sensoriek, dus de tast- en gewaarwordingszin. De middelste armzenuw, de nervus medianus, is voor de tast- en gewaarwordingszin van de handpalm verantwoordelijk. Hij bedient motorisch een spier van de duim.

Deze nervus medianus loopt van de schouder over de boven- en onderarm. Aan de binnenzijde van de pols loopt hij door de zogenaamde carpale tunnel.  Dat is een smalle tunnel ter hoogte van de pols, die door de handwortelbeentjes en een sterke bindweefselband wordt gevormd. Buiten de vingerpezen loopt in deze tunnel ook de nervus medianus. Die bestaat uit gevoelige en motorische vezels en bepaalde handspieren, die vingers en handvlakken bedienen.

Als nu deze zenuw door zijn omgeving ingedrukt en zowaar ingeklemd geraakt, dan komt het tot de beschreven symptomen. Op lange termijn kan hij beschadigd worden. In het begin zijn de klachten eerder sensorisch, de hand kan bijvoorbeeld tintelen. Later kunnen er motorische klachten bijkomen, soms een verminderde kracht in de duim. Het spectrum gaat alzo van een lichte paresthesie tot een blijvende verlamming.

016-5_CURPAL_ILLU_HAND-BIG_Zeichenflaeche_2.png


empty